ROANOKE

Roaonke%202_edited.jpg
roanoke%201_edited.jpg
eerste%203_edited.jpg
goten_edited.jpg
onderweg_edited.jpg
Kopie%20van%20Afbeelding1_edited.jpg
 
Roanoke: de wereld voor de rode zon
Roanoke is een magische wereld omringd door water. In het water zitten allerlei verschillende wezens zoals vissen, dieren, monsters,…. Daarom fluistert het door ieders mond, wees op je hoede als je de zee bevaart. Niet enkel de wezens zijn het gevaar op zee, maar men zegt: ”Eens je Roanoke niet meer kunt zien. Ben je te ver en is je lot bezegeld, dan val je van de wereld af in het niets.”
 
Alhoewel dit door ieders mond gefluisterd wordt op Roanoke is niets minder waar. Want in werkelijkheid staat er een onzichtbare koepel over Roanoke waar niets of niemand door geraakt. Of dat was toch in ieder geval de bedoeling. Roanoke is heel groot. In het Zuidoosten heb je de Vikingen, de krijgers van de zee. Hier zijn vele meertjes en riviertjes vol met allerlei dieren en schepsels. Het land heeft een rijke voedingsbodem en kan gemakkelijk bewerkt worden. Hier zijn ook heel veel inhammen van de zee. In het midden van Roanoke heb je uitgestrekte wouden, delen ervan zijn bewoond door de Kelten, de bewakers van het woud. Het woud is zo uitgestrekt en onherbergzaam dat je in een oogwenk er in zou verdwijnen en er nooit meer iets van je vernomen zou worden. Eveneens zoals Roanoke haar zee bevinden zich in het woud ook zeer veel verschillende wezens en creaturen. Behoed je dan ook voor het woud want ook de fauna en flora hier kunnen zeer verraderlijk zijn. Ten Noordwesten van Roanoke ligt het land van de Woestijnkoninginnen, of Zandnomaden genoemd. Een gehard volk, de Pikten voornamelijk bestaand uit vrouwen. Als men de zee en het woud al zeer gevaarlijk noemt let dan zeker op voor de woestijn. Aangezien deze op zich een dodelijke plaats is waar honger dorst en hitte hun deel zijn. Nog maar te zwijgen over hun eigen fauna en flora met haar mystieke woestijn creaturen. Voor een getrainde woestijn nomade heeft de woestijn geen geheimen en is dit net een veilige plaats met vele wonderlijke geheimen. Betreed je de woestijn zonder hun kennis is dit in de meeste gevallen de dood voor ieder ander.
In het Zuidwesten woont een zonderling volk, de Goten. Ze leven in kleine groepjes in de grove, en het moeras. Het is een warme vochtige plaats waar ziektes weelderig in bloeien. Exotische planten, dieren en monsterlijke gedrochten leven in deze vochtige ziekelijke schaduw van het moeras. Men noemt de Goten ook wel eens het volk van verderf.
Tenslotte, in het Noorden daar liggen de onherbergzame bergen. Met zijn oneindige spelonken en grotten. Waar niet alleen de echo in huist. Vol met ertsen en nog een mysterieuze fauna en flora. Het is beneden aan de voet van de bergketen in het noorden. Hier waar dat het woud zijn einde gevonden heeft en de bergen hun begin is het waar het volk aan de berg woont, de Germanen. Het is een hard leven en voedsel is er schaars.
Er zijn maar weinige die zich hier gevestigd hebben dus de natuur is hier minder aangeroerd en zal je veel exotische dieren en planten kunnen vinden.
Soms als je heel stil bent hoor je een gerommel onder de grond bij de bergen.

Het is een vrolijk en aangenaam leven op

Roanoke, zolang ieder zich bezighoudt met

zijn eigen leven en clan. Dan is er weinig aan

de hand en gaat het leven rustig zijn gangetje.

Echter we zeiden zolang, ….

De rode zon

Het is een warme ochtend in Roanoke. Niemand is zich bewust van wat er gaat komen. Geen volk, dier of wezen zou kunnen voorspellen wat er komende gaat. Het begon al bij het ochtendgloren, de zon kwam op en er was stilte…. Geen zuchtje wind, geen dierengeluid dus geen getjilp van de vogeltjes, geen gezoem van de bijtjes,… enkel een doodse stilte. Heel even leek de tijd stil te staan.

De sfeer van elke nederzetting is vol spanning. Niemand lijkt te weten wat er gebeurt. Iedereen kijkt elkaar vragend aan. Wat is er aan de hand? Is dit een straf van de Goden? Is dit het begin van het einde? In de naam van de Goden, wat is er aan de hand? Angstig kijkt iedereen in het rond en niemand weet wat te doen. Snel grijpen de krijgers naar hun wapens. Zelfs de ouderen, die normaal vol zijn van wijsheid, lijken niet te begrijpen wat er gebeurd. Iedereen wacht bang af. Wat zal er gebeuren? De stilte is bijna ondraaglijk, niets lijkt te bewegen. Er zijn geen dieren te horen, de blaadjes van de bomen hangen ijzig stil, er is geen wind dat het gras doet bewegen. Alsof de tijd zijn weg is verloren. Plots zet de wind op. Een gure en koude wind. Onnatuurlijk komt hij van verschillende richtingen. Hij blaast alle stof op en donkere wolken verduisteren de zon. De duisternis overvalt Roanoke, alsof iemand het licht opslorpt. Wat volgt is onwaarschijnlijk. Een gigantisch luid gebulder weerklinkt vanuit de hemel en ebt weer weg, na het gebulder volgt een oorverdovend gekraak. Dit is niet zoals het gedonder als de Goden hun woede uiten. Het gebulder herhaalt zich opnieuw en opnieuw en opnieuw en... Steeds gevolgd door dat verschrikkelijke gekraak. Plots zijn er lichtflitsen. Ze verschijnen vanuit de hemel en omdat het zo ongelofelijk donker is zie je ze zelfs de grond raken. Geen regen, geen hagel, enkel duisternis, gebulder en gekraak, gevolgd door lichtflitsen. Niemand weet wat te doen, de angst in ieders ogen is overduidelijk. Zelf blijf je aan de grond genageld, je weet niet of het is uit moed of uit angst. Sommigen vluchten naar hun slaapplek, maar velen blijven onbeweeglijk staan, zoals jij. Ineens lijkt de tijd weer stil te staan. De lichtflitsen zijn verdwenen, de wind waait niet meer door je haren en weer die stilte.. Het is doods, heel doods. Je voelt de kilte over je lichaam kruipen. Je haren komen rechtop te staan en een rilling verplaatst zich over je hele lichaam. Ineens merk je een glimp van iets roods op aan de hemel. De duistere wolken ebben in snel tempo weg, de rode gloed wordt steeds heviger.

De angst overvalt je en je valt op je knieën. Waar zo net nog de zon stond is er nu een grote rode bol te zien. Zijn rode gloed verspreid zich over Roanoke. De kleuren vervagen, alles kleurt rood. De gloed is noch warm, noch koud. Je kijkt elkaar aan, in angst en zonder begrip.

Dit kan niet anders, het moet een teken van de Goden zijn! En dan terug niets meer. Stilte. Doods. Tijdloos. En dan zachtjes hoor je het gezoem van een mug, een bij? Is dat een vogeltje dat daar aan het fluiten is? De bladeren aan de bomen beginnen te ritselen, een zacht briesje streelt je gezicht. Je opent langzaam je ogen. Je ziet licht, de bomen. Rondom je liggen je stamgenoten. Het lijkt of iedereen ontwaakt. Iedereen staat verdwaasd recht. Angstig, vol onbegrip. Alles lijkt terug te zijn zoals het was. Is dit ook zo? Was dit een nare droom? Of was het een visioen? Angstig en verward zoek je je priester of magiër En hij verteld je het volgende

 

Er dreigt een groot gevaar, die ons allen aangaat. Niet alleen onze clan maar iedereen van ons volk, niet alleen ons volk maar alle volkeren en niet alleen alle volkeren maar alles echt alles op Roanoke wordt hierdoor bedreigd. Het gaat misschien zelfs verder tot het niets. Ik zoek enkele dappere jongeren onder ons die zich klaar maken voor de grote tocht naar het midden, het midden van alles. Daar zal alles duidelijk worden. Op jullie weg zullen jullie leden van anderen onder ons volk tegen komen. Ga met hen naar het midden van alles. Daar wordt alles duidelijk. Wees op alles voorbereid. Talrijke gevaren en mysteries zullen jullie paden kruisen. Velen zullen sterven. Slechts een enkeling zal terugkeren. Wie van jullie waagt het om deze hachelijke onderneming te starten. Wie van jullie zal morgen bij het ochtend gloren vertrekken naar het midden. Het centrum van alles waar alles duidelijk zal worden wie.

En zo vertrokken de helden op weg naar een groot avontuur.

 
 
Roanoke 1:
De jongeren zijn aangekomen in een dorpje genaamd Arché. Tot hun verbazing werden ze verwacht door mensen van een handelaars post . Die blijkbaar op de hoogte waren dat er volk ging komen. Kleine groepjes van de verschillende volkeren. Hier waren zelfs tenten voor ieders volk opgezet . En inderdaad van ieder volk kwamen er groepen: De Pikten , Kelten , Goten , Vikingen en Germanen. Van ieder volk was een groep moedige jongeren aanwezig elk op hun weg naar de stenen.
De eerste kennismaking met andere volkeren was op zijn minst moeizaam te noemen. Hier en daar werden er al snel strubbelingen geconstateerd.

Ze kwamen ook in contact met de bewoners van het dorp. Deze dorpelingen zijn de beschermers van de stenen tempel, een tempel gewijd aan moeder natuur. Uiteraard dulden ze niet dat iemand de tempel onteerde. En deze vroegen de jongeren de tempel ook in ere te laten en deze met rust te laten. Ondanks deze vraag en goede raad sloegen de jongeren deze in de wind en zijn er in geslaagd een ritueel onder

begeleiding van hun hoge priesters te doen. Ieder volk deed hieraan mee: de Pikten, Kelten, Goten, Vikingen en Germanen. De bewoners hadden verschillende veiligheidsmaatregelen gemaakt om de tempel te beschermen. En toch heeft ieder volk elk van deze maatregelen ontkracht. Enzo hebben ze de tempel betreden om een ritueel te doen. Ze betraden de tempel en gaven offers. Door dit ritueel te doen voelde men twee enorme schokgolven die doorheen heel Roanoke te voelen waren. Na de schokgolven lagen hun priesters te vechten voor hun leven, plots vond men een scrol dat uit het stenen altaar kwam, een scrol die zichzelf kon schrijven.

De tekst was zeer duidelijk: “Ga syrtak zoeken en red hem.” Wie de tekst ook las, hij of zij was ervan overtuigd dat dit de vraag was van hun goden die hen op deze weg zette.

De dorpelingen echter waren niet blij met dit hele gebeuren en confronteerde de jongeren. Maar de jongeren antwoorden met wat ze nu op de dag nog steeds de grote slachting van Arché noemen. Geen enkele dorpsbewoner heeft die nacht overleefd. De jongeren zagen dit en het ritueel als een overwinning echter de volgende dag werd het eens vredelievend dorp, omgetoverd tot een gevaarlijke plaats.

Waar het woelde van wraakgeesten die erop uit waren elke indringer te vernietigen.

De jongeren konden slechts één ding doen, vluchten. Nu reizen ze samen elk gestuurd door hun goden. Op weg naar Syrtak om hem te redden ...

Ze zijn het laatst gezien richting de grote steppe en het land van de pikten.

Tussen Roanoke 1 & 2:

Op hun reis, vluchtend van de wraakgeesten van Arché, hebben de jongeren hun wonden geheeld en zijn ze onderweg naar de rand van het woud en de steppe, de thuishaven der Pikten.

De reis verloopt moeizaam, niet alleen door hun verwondingen en omdat ze door het woeste woud moeten, maar ook omdat de samenwerking tussen sommige volkeren soms met de nodige ruzies en gevechten gepaard gaan. Zeker de Vikingen en Germanen liggen vaak in conflict. Echter in de vier weken dat de reis door dit dicht beboste gebied gaat, leren ook zij door schaamte en schande samen te reizen. Spanningen tussen hen gaan liggen en worden bijgelegd en er word zelfs, naar het einde toe samengewerkt en samen gejaagd .

De handelspost van arché is met hen mee gegaan en is reeds voorop gereisd. De verschillende volkeren banen zich een weg door het gevaarlijk woud van Roanoke richting een kleine outpost , 'Zandslang' genaamd. Deze kleine Piktiche voorpost zou de plek zijn

 waar Syrtak het laatst opgemerkt is.

Dit is heel belangrijk voor ieders volk aangezien het door hun eigen goden is

gevraagd om Syrtak te helpen. Niet evident uiteraard voor zo’n groep ieders met eigen idealen, gebruiken en rituelen .

Ondanks de moeilijk start verloopt de reis zonder al te veel noemenswaardige incidentjes.

Maar …………………………………………….

Wat staat deze groep te wachten?

Hoelang duurt de reis nog?

Gaan ze hun opdracht van de goden vervullen en deze met vrucht beëindigen?

Zelfs de goden hebben niet overal antwoord op ….

 
Roanoke 2:

Aye, ik was erbij. Sindsdien heb ik velen horen beweren dat zij er die dag ook waren, maar helaas bestond ons gezelschap slechts uit een paar uitverkoren om het kwaad te bevechten en terug te dringen naar vanwaar het kwam. Wat er die dag gebeurde geeft me soms nog nachtmerries… 

Ik was als deel van een groep Kelten in het kader van een trainingsmissie op bezoek in Zandslang, een Pictische nederzetting op de rand van de woestijn. Weet je, hun Walkuren zijn geduchte krijgers wiens vechtlust, in mijn bescheiden mening, enkel overtroffen wordt door hun schoonheid. Maar er was geen tijd voor romantiek want donkere wolken pakten zich al snel samen over de nederzetting. 

Op de vooravond van het onheil arriveerde een grote groep reizigers in het dorp. Ik had nog nooit zo’n bont gezelschap gezien. Hun groep bestond uit leden van alle vijf volkeren. Er waren zelfs een paar Goten bij! Natuurlijk boterde het niet tussen hen en de Piktische vrouwen. Het onthaal was dus alles behalve welkom te noemen.

Het gezelschap beweerde dat ze naar daar geleid waren door een magische boekenrol die de wil van de goden toonden. De rol had hun bevolen Syrtak te zoeken, een magiër die soms het dorp bezocht. Bleek dat hij ten prooi gevallen was aan zijn eigen experimenten toen die verstoord werden door de magische schokgolf. Jammer genoeg was dit niet de laatste keer dat die schokgolf onheil bracht, doch dat zijn verhalen voor een andere keer.

Syrtak, zie je, sleutelde -in een oase diep in de woestijn- al enige tijd aan een magische poort tussen werelden. Toen de schokgolf over Roanoke raasde, raakte de poort ontregeld en reet de magiër in stukken. Zijn lichaam, zo begrijp ik het, werd ontbonden in de vier elementen en zijn ziel werd in de poort gezogen. Deze leidde nu niet langer naar zijn oorspronkelijke bestemming, maar naar een vreemde tussendimensie. Vanuit deze plek kwamen nu duistere schimmen tevoorschijn die uitstroomden over het land om zich te voedden aan levensenergie.

Het was enkel dankzij de hulp van Liliana, Syrtaks gemalin en zelf ook een bekwaam elementalist, en de Woestijnelfen dat de leden van het reisgezelschap er in geslaagd waren om de magiër terug tot leven te wekken. Syrtak voelde echter dat zijn aardse bestaan maar van korte duur zou zijn en met zijn laatste krachten instrueerde hij zijn leerling, een Woestijnelf genaamd Elissar Elfaren, hoe de poort

gesloten moest worden.

Allen aanwezig in Zandslang, mens en elf, dorpelingen en reizigers, vergaarden zich de volgende dag aan de oase. Ik ben trots dat ik die dag zij aan zij met hen mocht staan en noem hen broeder. Vanuit de poort stroomde een schijnbaar eindeloze horde duisterlingen, geleid door 'Het'.

 

'Het'. Als ik mijn ogen sluit zie ik haar nog staan. De Gran Loa had deze verwarde jonge vrouw tijdens zijn reizen onder zijn hoede genomen in de hoop haar te kunnen leren haar krachten als medium te gebruiken. Helaas wisten de duisterlingen bezit van haar te nemen en was zij nu een van hen. Toen de Gran Loa haar probeerde te redden, zoog zij alle levensenergie uit zijn lichaam. Vervolgens bood zij ons een ultimatum, zich aansluiten bij haar duistere legioen of sterven.

Het was enkel dankzij het offer van vele moedige mannen en vrouwen dat wij die dag de overwinning behaalden. Terwijl wij krijgers keer op keer de duisterlingen neersloegen, teleporteerden de magiërs zich naar de poort om daar onder de bescherming van een magisch schild deze trachten te sluiten. De nimmer aflatende stroom duisterlingen overweldigden onze strijdkrachten al snel. Alle hoop leek verloren doch op het laatste nippertje wisten de magiërs de poort te sluiten en verdwenen de duisterlingen voorgoed uit onze wereld.

De rust keerde weer in Zandslang en het reisgezelschap besloot verder te trekken. Volgens hun boekenrol wachtte hun een nieuwe beproeving in het moeras van de Goten. Ik vraag me af of ik hen ooit weer zal zien.

 

Horas MCaid

Keltisch Veteraan

Tussen roanoke 2 & 3:

De Goden zijn ontstemd. De tekenen zijn overal. Rampspoed en onheil teisteren het land.

Nog maar net hebben de reisgezellen van de vijf stammen de scheur tussen de werelden in de oase nabij Zandslang weten te dichten of de magische boekenrol vertelt hen over een nieuwe dreiging. Agras, een van de meereizende Germanen, onthult zichzelf als Goot in vermoming. Hij vertelt het gezelschap over zijn dorp op de rand van het zompige moeras dat de Goten thuis noemen, wordt gekweld door ziektes.

Volgens de legenden, zo vertelt de reiziger, genoot dit dorp eens de bescherming van de goden. Maar sinds hun meest kostbare bezit, een paars kristal, door een onbekende dief geroofd werd van het altaar, lijkt het dorp wel vervloekt te zijn.

Vreemde moeraswezens belagen het dorp, ziekte tiert welig onder de dorpsbewoners

en tweedracht verdeelt het volk. Door een speling van het lot viel het paars kristal onlangs onverwacht in de handen van een van de medereizigers, een Kelt Calum

MacCain genaamd. De reisgezellen besluiten Agras te helpen en beginnende lange tocht naar de Gotenlanden.

Onderweg ontmoeten zij gaandeweg nog vele andere reizigers, leden van de vijf stammen die er elk om hun eigen redenen zijn op uitgetrokken de wijde wereld in. Vele van deze nieuwkomers besluiten zich aan te sluiten bij de rondtrekkende troep en vervolgen samen met hen de weg naar het moeras. Na een maand reizen is het Gotendorp eindelijk vlakbij.

Maar zijn zij nog op tijd om het dorp te redden van de ondergang? Is het terugplaatsen van het paars kristal op het altaar genoeg om de goden terug gunstig te stemmen? Welke gruwel staat hen nog te wachten in… De Zwarte Nacht?

  • White Facebook Icon